Marianne Plug afgestudeerd 2012

Van poep en pies tot vanzelfsprekende vragen:

terugblik op vijf jaar Nieuwe Akademie Utrecht

Poep, bloed, duizelig makende video's met geschreeuw en gore toestanden. Mijn God, waar ben ik in terechtgekomen?

De tentoonstelling van de geruchtmakende kunstenaar Paul McCarthy in het SMAK in Gent was mijn eerste excursie met de Nieuwe Akademie Utrecht. Wat een vuurdoop! Een wereld van verschil met wat ik daarvoor allemaal had gezien. Ik vond Chagall mooi en COBRA leuk, had een voorkeur voor kleur en expressie. Ik volgde cursussen, schilderde abstracte werken op doek. Abstract werken doe ik nog steeds, maar verder is er veel veranderd... Van de zes docenten van de NAU heb ik ontzettend veel geleerd, en veel waardevols meegekregen. In mijn bagage zitten aanmoedigingen (“Heb er maar gewoon vertrouwen in”), geweldige adviezen (“Elke lijn moet je apart tekenen. En doe het met liefde”), typeringen die me raakten (“Je bent heel eigenzinnig”) en veel inspiratie uit de lessen.

Wat hebben we leuke dingen gedaan! We hebben (met behulp van tennisballen en oude medische boeken) lijnen leren tekenen, we hebben verzamelingen aangelegd, tijdschriften verwoest met plakband, kijkdozen en maquettes en filmpjes gemaakt, geoefend met textuur en compositie en licht en ga zo maar door. Hoewel dat laatste een beetje technisch klinkt, gaat het bij de NAU niet om het aanleren van technieken. De nadruk ligt op het ontwikkelen van je eigen creatieve proces. Het vinden van je eigen verhaal. Of dat nu tekenend, fotograferend of filmend is.

 En zo kan het gebeuren dat ik schilderend de academie binnenkwam, en tot mijn eigen verbazing binnenkort afstudeer met tekeningen en installaties. Ik? Ruimtelijk werk maken? Dat had ik echt nooit gedacht. Elk jaar op de academie heeft zijn eigen uitdagingen. De eerste twee jaar (de ‘basisjaren’) vond ik zwaar, omdat alles zo nieuw was. Om 6 uur op, van 9 tot 5 creatief hard doorwerken, dat was wel even wennen. En de werkbesprekingen ook.

Het derde jaar kenmerkt zich door de overgang van algemeen naar meer gericht op je eigen werk. Hartstikke leuk. Maar voor mij was het ook het moeilijkste jaar. Waar het precies aan lag weet ik niet, maar ergens halverwege had ik een flinke dip. Geen zin meer in tekenen, gefrustreerd door alle –soms tegenstrijdige- adviezen, worstelend met mijn eigen verwachtingen. Maar gelukkig ging dat weer voorbij.

In de vierde wordt het menens. Je weet zo ongeveer wel wat je doet, maar er zijn nog grote stappen te maken. Het is het jaar waarin we met zijn allen de diepte ingingen, met name door het schrijven van de -door velen gevreesde- scriptie. Een tijdrovende, lastige maar ook erg inspirerende klus die me veel voldoening gaf. Het leverde me inzicht op in wie ik als kunstenaar ben en waar ik op dat moment stond met mijn werk. Wat natuurlijk ook precies de bedoeling van de hele scriptie is. Ik heb er van genoten, en was heel blij met de vrijheid die we kregen om er echt een mooi persoonlijk werkstuk van te maken.

Nu zit ik in de vijfde, en komt de eindstreep in zicht. Ik heb gemengde gevoelens. Ik vind het spannend, maar het maakt me ook onzeker. Aan de ene kant kijk ik ernaar uit om af te studeren, aan de andere kant wil ik helemaal niet weg bij de NAU. Het is veel te leuk, en ik ga de mensen uit mijn groep zo missen. Minstens vijf jaar trek je met elkaar op, je ziet elkaars worstelingen en overwinningen: dat schept een band. Helemaal nu we met zijn elven onze eindexpositie aan het voorbereiden zijn. Want dat is de uitdaging van het laatste jaar: druk zijn met organiseren, schrijven, over allerlei praktische dingen nadenken, en tegelijkertijd je creatieve proces gewoon door laten gaan.

Pasgeleden ging ik mee op de –voor mij- laatste excursie. Niet naar poep en pies in Gent, maar naar Haarlem en Amsterdam, op galerietour. Ik besefte die dag dat ik door de opleiding echt gegroeid ben. Na de uitleg die we kregen van Hamid el Kanbouhi over zijn installatie La vache qui rit , durfde ik zomaar iets te vragen. Aan een Echte Kunstenaar! Dat ik dat durfde! En dat het zo vanzelfsprekend was! Tijdens eerdere excursies kwamen er meestal niet eens vragen bij me op. Eerder verwarring, of gewoon bewondering. Maar nu stond ik zijn werk te relateren aan dat van mijzelf, vroeg mij iets af en stelde prompt een vraag. Het antwoord ben ik eerlijk gezegd grotendeels vergeten, maar het gevoel van groei is me bijgebleven. Een lekker gevoel om het jaar verder mee in te gaan, want oh, wat is die eindstreep eng. “Heb er maar gewoon vertrouwen in”. Op naar de eindexpositie dus, en wie weet wat daarna!